skip to Main Content
Annapurna Sanctuary Trek

Annapurna Sanctuary Trek

Tijdens onze tour door Tibet leren we Andreas (oftewel Andy) kennen, een Duitse jongen die net als wij Nepal als volgende bestemming heeft. Toevallig heeft hij dezelfde (vertraagde) vlucht naar Kathmandu geboekt, wat ons voldoende tijd geeft om samen uit te vogelen wat Nepal te bieden heeft. Net als ons heeft Andy namelijk nog geen concrete plannen gemaakt. Na het het zien van de Mt. Everest vanuit Tibet weet hij echter wel al dat hij een trekking naar Everest Base Camp in Nepal wil gaan doen, zodat hij deze reuzin ook vanaf de andere kant kan zien. Als voorbereiding op die redelijk zware tocht wil hij een wat makkelijkere tocht doen, maar welke weet hij nog niet precies. Tijdens de uren die we doorbrengen op het vliegveld kijken we met hem mee en begint het bij ons toch ook wel te kriebelen. Klinkt toch wel gaaf, zo’n meerdaagse trektocht door de wildernis. Maar, valt dat wel binnen ons budget na de financiële tegenvallers van het prijzige Tibet? Enkele uurtjes research doen blijken dat de tochten in Nepal makkelijk te doen zijn zonder gids en wanneer je zelf je spullen draagt hoef je alleen maar te betalen voor accommodatie en eten onderweg. Dan rest er nog één klein probleempje: Ik (Irma) heb het helemaal gehad met de kou. Met behulp van de Lonely Planet komen we uiteindelijk uit bij de Annapurna Sanctuary Trek, een acht tot tien dagen durende tocht die via verschillende gebieden naar het Annapurna Base Camp leidt, op 4130 meter hoogte. Ondanks dat het op deze hoogte waarschijnlijk toch weer koud gaat zijn, klinkt de beschrijving van de tocht erg goed en neem ik die paar dagen kou voor lief. Let’s do this!

Klaar voor de start
De dagen voorafgaand aan de trek doen we wat laatste voorbereidingen in Kathmandu: we kopen een kaart van het gebied, huren slaapzakken en wandelstokken, schaffen de vereiste permits aan om de regio in te mogen en om er zeker van te zijn dat we altijd voldoende (schoon) drinkwater hebben, kopen we waterzuiveringstabletten. Door Tijl z’n goede voorbereiding wat kleding betreft beschikken we al over de juiste jassen, broeken en basiskleding en dus zijn we klaar om te gaan. De eerste dag van de tocht bestaat voor het grootste deel uit de lange busrit naar Pokhara. Gedurende die rit wordt het klimaat steeds aangenamer en al snel verdwijnen de jasjes en truien in onze tas. Vanuit Pokhara nemen we een taxi naar het startpunt van de trek en rond vier uur kan het dan echt beginnen. Ons doel voor vandaag is Birethanti, een dorpje aan een rivier op ongeveer een uurtje lopen van het startpunt, maar wel bergop. Een goede inkomer dus. Onderweg passeren we verschillende boerderijtjes, rijstvelden en een mooie hangbrug. Regelmatig vragen we de weg aan de Nepalezen die we tegenkomen die ons met een bevestigend “Birethanti!” in de juiste richting wijzen. Totdat we een vrouw met haar dochtertje hetzelfde vragen en zij geen idee lijken te hebben waar we het over hebben. Volgens hen zitten we fout en we worden weer terug gestuurd naar waar we vandaan kwamen. Na wat rondvragen lijken we daarna weer op het goede pad te zitten en iets later dan gepland komen we aan in Birethanti. Hier genieten we van onze eerste Dal Bhat, een populair trekkers rijstgerecht waar je standaard een tweede ronde van krijgt, waarna we op tijd onder de wol gaan. De kop is eraf!

Oui, oui, ABC!
De rest van de route blijkt een stuk minder ingewikkeld en is meestal goed aangegeven. De rijstvelden worden steeds vaker afgewisseld door groen bemoste bomen en hier en daar passeren we een stroompje of een watervalletje. Ook komen we regelmatig ezels tegen die worden ingezet om al het eten, drinken of zelfs bouwmaterialen naar de guesthouses boven op de berg te sjouwen. Net als hen voelen wij ons de eerste paar dagen net pakezels vanwege de ongeveer tien kilo die we met ons mee dragen in onze backpacks. Gelukkig went dat best snel. De tweede dag van de route staat bekend om de lange trap die we op moeten (zo’n 3500 treden) en kost dan ook behoorlijk wat energie. Het restant van die trap volgt een dag later, waardoor ook dag drie geen fijne herinnering nalaat. Op dag vier wordt dit harde werken gelukkig beloond door het eerste hoogtepunt van de route. We gaan vroeg uit de veren om de zonsopkomst te kunnen bewonderen vanaf Poon Hill, een heuvel die een panorama biedt over zes verschillende bergtoppen. Het klimmetje van een uurtje (zonder ontbijt) is zwaar en soms glibberig door de eerste sneeuw op de route, maar zeker de moeite waard! De foto’s spreken denk ik voor zich. Vanaf deze dag vervolgen we onze trekking trouwens samen met twee erg gezellige Fransen, Thomas en Coco. We komen er achter dat de Fransen er een rare gewoonte op na houden: ze sjouwen stuk voor stuk vreemde dingen mee tijdens hun reizen. Zo heeft Coco een zelfgemaakte didgeridoo in zijn backpack en Thomas zeult een drone met zich mee. Daarmee maakt hij trouwens ontzettend gave filmpjes! (als hij hiervan iets online zet zullen we het zeker met jullie delen)

Aapjes kijken
Vanaf Poon Hill slaat het weer om en is het gedaan met de mooie uitzichten. Wel leveren deze mistige omstandigheden een mysterieus sfeertje op wanneer we via de bergpassen de route voortzetten. Er komt steeds meer sneeuw op de paden en regelmatig moeten we onze weg zoeken tussen de naar beneden hangende bamboe takken of over de besneeuwde bruggetjes. We zijn verrast als we een familie aapjes door de boomtoppen zien slingeren en nemen dan ook de tijd om wat foto’s te maken van dit bijzondere tafereel. Voor onze slaapplaatsen proberen we de guesthouses te vinden die gratis verwarming aanbieden in de vorm van een gas- of houtkachel, wat soms ook wel nodig is om onze kleren te drogen. Dit lukt helaas niet altijd en dus proberen we tijdens het eten warm te blijven door alvast in onze slaapzakken te kruipen. Tijdens een van deze koude avonden leren we James kennen, een Ier die al veel van de wereld heeft gezien en die later ook bij ons aansluit.

Deurali – MBC
Op dag zes zullen we dan eindelijk het einddoel van onze trek gaan bereiken: Annapurna Base Camp (ABC). Tenminste, als de weersomstandigheden dat toelaten. Het eerste deel van de route die dag staat namelijk bekend om de lawines die er regelmatig plaatsvinden. De vele sneeuwval van de afgelopen dagen maakt de kans op lawines nog groter, waardoor we misschien een extra dagje moeten wachten in dit koude guesthouse zonder verwarming (help!). De eigenaar van het guesthouse en een gids die hier diezelfde nacht ook verbleef denken dat het vandaag wel veilig is, als we het gevaarlijkste deel maar voor 11 uur passeren. Dat wordt doorlopen dus! Het feit dat we ons inmiddels op zo’n 3500 meter hoogte bevinden en de hoeveelheid sneeuw die op de paden ligt maakt dat net iets uitdagender dan normaal. De route is ondanks dat echt schitterend. Na een uurtje komt zelfs de zon over de bergen, waardoor de besneeuwde omgeving en het uitzicht nog mooier lijkt te worden. Diezelfde zon zorgt er helaas wel voor dat de temperatuur snel stijgt en we zien dan ook regelmatig wat smeltende sneeuw naar beneden schuiven. De vaart erin houden dus. Rond lunchtijd komen we opgelucht aan bij de guesthouses die samen het Machhapuchhare Base Camp (MBC) vormen. Hier genieten we van een pizza, het zonnetje en het uitzicht op Machhapuchhare, ook wel Fishtail genoemd vanwege de spitse vorm van de bergtop.

Sunset from ABC
Na de lunch resten ons nog twee laatste uurtjes door de sneeuw, met lichte stijging, voordat we ABC bereiken. Helaas moet Andy het verstandige besluit nemen de nacht door te brengen in MBC omdat hij teveel last heeft van de hoogte, nog meer stijgen is dus geen goed idee voor hem. We spreken met hem af dat hij goed uitrust en dat we hem de volgende dag weer oppikken op onze weg naar beneden. Tijdens het laatste deel wordt de sneeuw steeds papperiger, waardoor we met natte voeten en broekspijpen aankomen bij het bord dat aangeeft dat we ons doel bereikt hebben, yes! Als we even later onze zware tassen hebben gedropt in een van de guesthouses, zoeken we een route die ons nog iets verder de berg op brengt, waar we genieten van het schitterende uitzicht. Vanuit hier kijken we uit op de toppen van o.a. de Annapurna South (7219 m), Annapurna I (8091 m), Hiunchuli (6441 m) en Machhapuchhare (6993 m). De laatste in het rijtje is misschien nog wel de meest indrukwekkende. Vooral wanneer de zon begint te zakken wordt is Machhapuchhare een lust voor het oog. Terwijl we van de zonsondergang genieten horen we regelmatig gestommel en gekraak in de verte, waarschijnlijk het verschuiven van de vele gletsjers op de bergen.

De laatste loodjes
Voordat we de volgende dag weer op pad kunnen stuurt Thomas nog even zijn drone de lucht in voor de nodige coole filmpjes van de omgeving. Terwijl we naar de drone staan te zwaaien komt tot onze grote verbazing Andy ineens aanlopen: “Hi guys, I just wanted to get a good view of the sunrise and then I just kept on walking…”. Gelukkig voelt hij zich weer een stuk beter en zijn we dus weer compleet. Nu kunnen we toch nog een groepsfoto bij ABC maken. Vanaf hier dalen we nu voorlopig alleen maar af, het eerste deel via dezelfde route die we op de heenweg volgden. Bij het deel met het lawinegevaar is nu een pad aan de andere kant van het dal gecreëerd, waardoor het een stuk minder spannend is, behalve dan dat het af en toe ontzettend glibberig is. Ook hebben we vanaf nu een nieuw doel voor ogen: De hot springs in Jhinu, want die hebben we nu wel verdiend. Na anderhalve dag lopen, met helaas wederom de nodige trappen, bereiken we weer wat lager gelegen contreien (en dus warmere temperaturen!) en strijken we neer in het warme water van de hot spring met een biertje in de hand. Heerlijk! Als de avond valt beginnen we honger te krijgen maar we hebben nog absoluut geen zin om het warme water te verlaten. Tijl en Thomas zijn onze helden en offeren zich op pizza’s en een tweede ronde biertjes te halen, het beste idee ooit.

Na de hot spring is het tijd voor de laatste dag van onze trekking. We kunnen inmiddels geen trappen meer zien (onze slogan is inmiddels “I fucking hate steps!”), maar ook de laatste vier uurtjes dalen en stijgen overleven we. Tijl neemt nog een korte detour omdat hij zijn zonnebril vergeten denkt te zijn in het vorige dorpje, maar als hij na een uur weer terug komt bij de groep blijkt Coco deze voor hem meegenomen te hebben. “Thanks man!”. Een Jeep brengt ons naar het einde van de tocht: Pokhara. Een stadje gelegen aan een meer dat voor veel mensen het begin of eind van een meerdaagse trek tocht is. Ook blijkt het voor veel reizigers, vooral het hippie type, de perfecte plek om voor langere tijd te blijven hangen. Er hangt dan ook een erg relaxed sfeertje en het biedt de nodige barretjes met uitzicht over het meer. De perfecte plek dus voor een gezamenlijke afsluiter met een heerlijke buffalo burger en een filmpje in de buitenbioscoop.  

Dit bericht heeft 6 reacties
  1. WoW, dit is niet te geloven wel erg spannend denk ik. Weer er mooi verhaal en erg mooie foto’s.
    Geniet ervan en doe voorzichtig!!!
    Liefs mam xxx

  2. Als ik Tijl daar op een bankje zie zitten genieten in de sneeuw doet het echt aan wintersport denken. Heerlijk!
    Het ziet er weer WAUW uit! Wordt wel een beetje standaard reactie… Misschien toch een keer lelijkere foto’s plaatsen ?
    Vraagje nog… Wat is de betekenis van al die gekleurde vlaggetjes die op zo veel foto’s en op de gekste plekken te zien zijn? Speciaal voor jullie om toch een beetje carnaval sfeer te proeven?

  3. Wauwww!! Gaaf hoor!! Maar brrrrrr wel koud denk ik! Vooral je voeten, of valt dat mee? Bij het zien van de foto’s krijg ik al spontaan zin in die warme sokken uit mongolië;) Veel plezier nog. xxxxx

  4. Weer ‘n overtreffende trap! Zwaar, spannend maar de beloning, uitzicht en zo’n hot tub , is toch helemaal geweldig, dus ‘t zeker waard.
    En Peter was er ook zag ik aan de schoenen die buiten stonden bij de wandelstok!

Het is niet mogelijk een reactie te plaatsen.